Nieren

Cystatine C

Cystatine C is een eiwit dat als afvalstof door alle kernhoudende cellen wordt geproduceerd (in tegenstelling tot creatinine dat alleen door spiercellen wordt geproduceerd) en is een maat voor nieraandoeningen. Dit eiwit wordt door de nieren ongehinderd glomerulair gefiltreerd en vervolgens tubulair teruggeresorbeerd en aldaar volledig afgebroken. In tegenstelling tot creatinine vindt er geen tubulaire secretie van cystatine C plaats, waardoor de bepaling van cystatine C gevoeliger is voor acute en chronische nierfunctiestoornissen dan de hoeveelheid creatinine. Daarnaast biedt het een goed alternatief voor het inschatten van de glomulaire filtratiesnelheid (GFR) bij verdenking op nierinsufficiëntie.

Verhoogde waarde

Bij intrinsieke acute nierschade blijkt cystatine C duidelijk hoger dan bij pre-renale acute nierschade. De concentratie is sterker verhoogd, naarmate de nierschade ernstiger is.

Lage waarde

Lage waarde van cystatine C verlaagt de weerstand tegen virale en bacteriële infecties en kan mogelijk wijzen op omvangrijke aderverkalking.

Glomerulaire filtratiesnelheid (GFR)

De glomerulaire filtratiesnelheid (Glomerular filtration rate – GFR) is de belangrijkste factor voor het inschatten van de nierfunctie. De GFR is het totale volume van voorurine dat in een gedefinieerde tijdseenheid gefilterd wordt door alle glomeruli van beide nieren en dit geeft aan met welke snelheid de nieren het bloed filteren op afvalstoffen. Bij mensen met een normale bloeddruk is dat ongeveer 0,12 liter per minuut oftewel ca. 170 liter per dag. Voor de test wordt de hoeveelheid van creatinine in het bloed bepaald. De nieren zorgen ervoor dat dit stofje wordt uitgeplast. Dit wordt ook wel de ‘klaring’ van creatinine door de nieren genoemd. Hoe lager het gehalte creatinine, hoe beter de nier werkt. Fysiologisch daalt de GFR met de leeftijd, pathologisch bij verschillende nierziektes.

Ureum

Een afvalproduct bij de eiwitstofwisseling in de lever.

Verhoogde waarde

Een licht verhoogde waarde in het bloedserum kan wijzen op een overdadige eiwitconsumptie, uitdroging, nierschade of hartproblemen. Sterk verhoogde waarden wijzen op mogelijk nierfalen.

Lage waarde

Een verlaagde ureumwaarde kan wijzen op de een probleem in de leverfunctie, waardoor de afbraak van eiwitten niet goed verloopt of op een eiwitarme voeding. In dat geval zijn specifieke testen nodig om de leverfunctie te onderzoeken (zoals ALAT, ASAT, alkalische fosfatase).